dinsdag 15 juni 2010

Positieve discriminatie niet stimulerend

Zojuist las ik een bericht op de website van Elsevier over zogenoemde positieve discriminatie (http://bit.ly/9AHMoa). In het noorden des lands worden vacatures voor topfuncties alleen opgevuld met biculturele burgers of vrouwen. In de vacature staat dat alleen vrouwen en allochtonen hoeven te reageren.

Op zichzelf is deze ontwikkeling niet verbazingwekkend, deze is ingezet door het kabinet Balkenende IV. Ik heb me wel over de inhoud van deze ontwikkeling verbaasd; over de geruchten dat in het bedrijfsleven meer vrouwen in de top moeten en dat in de top van de politie eenzelfde ontwikkeling moet komen – een soort van quotumsysteem.

Wat betekent het moeten accepteren van vrouwen in topfuncties? Dat is een verkapte vorm van feminisme. Als er maar tien procent van de topfuncties door een vrouw vervuld wordt, is dat discriminatie. Wat betekent het moeten accepteren van biculturele burgers – voorheen allochtonen genoemd – in topfuncties? Een verkapte vorm van multiculturalisme. Als te weinig allochtonen deelnemen op hoog niveau in het bedrijfsleven of de overheid, dan is er sprake van discriminatie.

Maar wat is discriminatie? Discrimineren betekent onderscheid maken. Op zichzelf hoeft dat niet verkeerd te zijn. Als ik onderscheid maak tussen een appel en een peer, dan zal niemand dat fout vinden. Maak ik onderscheid tussen de ene soort appel en de andere soort, omdat de smaak van de eerste beter vind, so what? En stel dat ik ooit bij een sollicitatie iemand mag uitkiezen en ik kies voor degene met de beste vooropleiding, met de beste uitstraling, dan discrimineer ik in feite. Wat veelal bedoeld wordt met discrimineren, is niet het voorgaande, maar dat er onderscheid gemaakt wordt op zaken die niet van belang zijn voor de functie. Bijvoorbeeld een blanke en een zwarte man, met dezelfde capaciteiten en uitstraling, waaruit ik de blanke man kies, omdat ik een afkeer van een zwarte man heb. Anderzijds, als ze inderdaad even getalenteerd zijn, dan moet gekozen worden. De keuze kan dan ook uitgelegd worden als een moeilijke en zal een troost zijn voor degene die afgewezen wordt – als hij dat verhaal gelooft.

Dan kom ik op een cruciale vraag rond de positieve discriminatie. Wat wordt nu precies bedoeld met dat positieve? In feite wordt met dat positieve iets negatiefs bedoeld. Omdat vrouwen en allochtonen minder aan de bak komen, moet discriminatie het middel zijn om ze in het zadel te helpen. In andere woorden: vrouwen en allochtonen zijn zo zielig, dat zij de top niet halen zonder (‘positief’) discrimineren.

Mijn afkeer voor positieve discriminatie ligt dan ook in het negatieve element. Mijn stelling is: laat deze mensen ervoor werken, ervoor gaan. Als zij inderdaad met dezelfde capaciteiten afgewezen worden op het enkele feit dat zij vrouw of allochtoon zijn, dan gaat er pas iets mis. Maar is dat onderzocht? Voor vrouwen kan ik wel aandragen dat een groot deel parttime wil werken, hetgeen hun carrière niet ten goede komt. En hoeveel allochtonen hebben we in Nederland? Toch niet zoveel als autochtonen dacht ik. Trouwens, hoe is het gemiddelde opleidingsniveau van oudere, voor topfuncties in aanmerking komende allochtonen? Ik heb nog niet vaak een dergelijke overweging gezien bij voorstanders van ‘positieve’ discriminatie.

Kortom, positieve discriminatie is negatief en helpt de beoogde bevolkingsgroepen niet. Deelname aan de top valt niet op te leggen, maar moet van twee kanten komen. Enerzijds de bereidwilligheid om vrouwen en allochtonen in de top te hebben, anderzijds de bereidwilligheid van degenen die topfuncties willen bekleden om fulltime en op niveau te werken.

2 opmerkingen:

  1. Ik vind het voorbeeld van appels en peren niet zo goed: als onze samenleving uit appels en peren bestond, zouden ze gelijk behandeld moeten worden. En niet naar smaak, maar naar de kwaliteiten die ze voor de vacature kunnen kwalificeren. Wel interessant: 1) je mag discrimineren op intellectuele vermogens, ook al is het genetisch bepaald; 2) je mag discrimineren op karakter, ook al is dat genetisch bepaald. Je mag echter geen algemeen verschil maken tussen vrouw of man, blanke of zwarte, omdat de kwaliteiten hetzelfde kunnen zijn.

    Maar goed, afgezien van dat ben ik het ook niet met je eens. Ik vind het woord 'zielig' een beetje apart gekozen. Bij positieve discriminatie gaat het er niet om dat mensen die niet voldoen worden aangenomen, maar dat er een voorkeur bestaat voor verscheidenheid. Het kan heel gezond zijn om in een commissie ook vrouwen te hebben -- ook al zou de sociale bijdrage groter zijn dan de inhoudelijke, kan op zo'n moment een keuze voor een vrouwelijke kandidaat heel gezond zijn. Als het om allochtonen gaat, kan het een goede bijdrage leveren aan een multiculturele maatschappij als ze hun ambities in de politiek of op andere takken van de maatschappij kunnen volgen, in plaats van met hun achterstand in taal en cultuur gedegradeerd te worden tot tweederangs burger.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Aris, het gaat er mij om dat er altijd gediscrimineerd wordt. Dat voorbeeld gaat niet op in die zin zoals jij hem wilt gebruiken; zo is het ook niet bedoeld. Mag ik je er overigens op wijzen dat niet alles genetisch bepaald wordt? Zoiets als familie en (op)voeding zijn ook van groot belang.

    Verder ontkent ik de toegevoegde waarde van vrouwen en allochtonen niet. Het gaat mij erom dat zij een voorkeursbehandeling krijgen, en inderdaad vind ik het zielig dat daarvoor een dwangmatige discriminatie in het leven geroepen wordt. Het voorbeeld dat je noemt over de sociale bijdrage etc., dat zijn wat mij betreft kwaliteiten waarop je iemand kunt binnenlaten. Dit kun je echter niet per definitie aan elke vrouw toeschrijven, noch aan elke man onthouden. Achterstand in taal en cultuur zijn van invloed op de werkvloer. Ik heb liever geen leidinggevende die alleen Arabisch spreekt, wat jij?

    BeantwoordenVerwijderen